“Ik was een sociale en vrolijke vrouw”, laat een van de slachtoffers van de enorme explosie aan de Schammenkamp in Rotterdam in een verklaring weten. “Tegenwoordig heb ik geen energie. Ik ben constant moe en leef op medicatie. Voor mijn man en kinderen geldt hetzelfde. Onze tijd gaat ‘op’. We zijn vooral aan het overleven.”
De explosie aan de Schammenkamp was op maandagavond 29 januari 2024 en kostte het leven aan drie mannen. Een van hen was de 22-jarige neef van verdachte Jalal O. Hij werkte in de garagebox die zijn oom had gehuurd.
De loods bleek een drugslab te herbergen. Er werd een versnijdingsmiddel voor cocaïne gemaakt. Met aceton en zoutzuur, opgeslagen in vaten die tot ontploffing kwamen. Na een harde knal in de woonwijk op Rotterdam-Zuid volgde een enorme brand.
Stijf van de angst
Dat het bij drie doden is gebleven mag een wonder heten, blijkt maandag op de eerste dag van de rechtszaak tegen verdachte Jalal O. (37). Nabestaanden en gedupeerden vertellen hoe ze ternauwernood wisten te ontkomen en hoe 24 januari hun leven ingrijpend veranderde. Ze doen dat niet zelf, maar laten hun ervaringen voorlezen door hun advocaten.
“Ik was thuis met mijn kinderen van twee en vier jaar oud”, memoreert een vrouw in haar verklaring. “Mijn man was bij de buurman. Opeens voelde ik een harde knal en knalden de ruiten uit elkaar. Het was plots donker en overal was rook. Ik kon de kinderen, die onder een dekentje lagen, bij hun handjes grijpen en meenemen. Ik zag het vuur beneden branden en stond stijf van de angst. Mijn man schreeuwde dat ik snel moest vluchten. Toen we buiten stonden, waren we rood van de hitte. Ik dacht dat er een bom op ons huis was gevallen.”
Het appartement van de vrouw en haar gezin werd door de ontploffing en de brand compleet verwoest. “Ik ben er een ander mens door geworden”, stelt ze ruim tweeënhalf jaar later. “Mijn gehoor ben ik voor een deel kwijtgeraakt. Ik heb haaruitval en ben mijn gebit kwijtgeraakt door de stress. Ik heb herbelevingen en slaap slecht. In nachtmerries zie ik ons in het vuur vallen en levend verbranden.”
Haar man: “We woonden nog maar zeven maanden op de Schammenkamp. De klap duurde een paar seconden, maar de gevolgen duren lang. Ons leven is 180 graden gedraaid. Ik was bij de buurman en werd door de explosie tegen het plafond geslingerd. Ik zag dat de buurman naar beneden viel in de vlammen. Zelf wist ik via een balkon te ontkomen.”
“Ik werkte met veel plezier, maar dat kan niet meer. Ik kamp met PTSS en doe EMDR als traumatherapie. Onze kinderen zijn ook getraumatiseerd. Ze hebben last van een diep gevoel van onveiligheid. De voordeur moet altijd dicht blijven. Na schooltijd trekken ze zich terug en gaan slapen. We hebben een nieuw huis, ook weer boven een bedrijf, en ze zijn bang dat het daar opnieuw kan gebeuren. Onze zoon is weer in zijn bed gaan plassen. De kinderen zijn alles kwijtgeraakt: speelgoed, foto’s, erfstukken, papieren. Maar we zijn dankbaar dat we elkaar nog hebben.”

De brandweer tijdens het blussen van de grote brand die ontstond.© JB Media
Op blote voeten door de vuurzee
Onder de slachtoffers, die een verklaring laat voorlezen, is ook bovenbuurman Ignacio Huerga, die bijna levend verbrandde. In de media deed hij al eens zijn horrorverhaal.
“Voordat ik het wist, viel ik met vloer en al naar beneden”, klinkt het deze middag opnieuw. “Ik belandde onder het puin en was mogelijk een tijdje buiten westen. Mijn voet zat vast in een betonnen staaf. Ik lag in de vuurzee en ik dacht: ik ga dood. Maar ik wist op te staan en zelf onder de brokstukken vandaan te komen. Op blote voeten liep ik door het puin en de vuurzee.”
Hij gaat verder: “Een ambulance bracht me naar het Maasstad-ziekenhuis. De pijn aan mijn benen was bijna ondraaglijk. Ik ben niet bij een psychiater terechtgekomen, maar wat er gebeurd is, wil niet uit mijn hoofd. Dat iemand zoiets durft te doen in een woonwijk. Alleen maar om geld…”