Het is gezellig druk op zondagochtend bij Ian thuis in het Oost-Vlaamse Melsele. Ian ligt languit in de zetel PlayStation te spelen. Zijn jonge broertjes Kenaï en Elias – de tweeling is 1 jaar oud – lopen en kruipen vinnig rond. Zijn zus Hailey (12) komt haar broer een knuffel geven en zijn andere zus Ashley (11) is een vrolijke flapuit. Ian is voor het eerst na vier maanden terug thuis en daar heeft het hele gezin reikhalzend naar uitgekeken. Niet in het minst Ian zelf. Hij geniet zichtbaar. “Ik vond het wel spannend”, zegt hij. “Maar ik ben heel blij. De revalidatie van de afgelopen maanden gebeurde altijd met de gedachte: dan kan ik terug naar huis.”

Pinnen
Mama Britt laveert Ians rolstoel door de woonkamer en helpt hem uit de zetel. De zelfverklaarde moederkloek glundert nu ze al haar kuikens terug bij mekaar heeft. Aan Ians rechterbeen steken zes enorme pinnen vervaarlijk uit. Het ziet er impressionant uit. “Ze houden mijn bot op zijn plaats”, legt hij uit. “Dat was helemaal verbrijzeld.” Naast de pinnen is ook een wit litteken zichtbaar. “Daar zat een gapende wonde. Ze hebben huid van hier (schuift zijn short omhoog totdat zijn dijbeen zichtbaar is red.) getransplanteerd.”
Ian is een van de kinderen die zwaargewond raakte bij het busongeval in Buggenhout op 26 mei van dit jaar. Hij zat die ochtend op de bus die hem en zijn vrienden zou afzetten aan Richtpunt, een school voor buitengewoon secundair onderwijs. Rond 8 uur reed de chauffeur van het busje ‘t Ros Beiaard de spoorweg over. De buschauffeur negeerde de rode verkeerslichten en de slagbomen en het busje werd gegrepen door een aankomende trein. Bij de klap vielen ook vier dodelijke slachtoffers: Noureddine (49) de chauffeur, Anke (27) de busbegeleidster en de twee tienerjongens Mohamed (15) en Arthur (12).
Schoolbus aangereden door trein aan overweg in Buggenhout: meerdere gewonden
Ian denkt nog vaak aan het ongeval zegt hij. Het ene moment vertelt hij honderduit, het andere moment is hij plots stil en zie je hem nadenken. Dat hij het overleefde is een half mirakel. Hij zat die ochtend naast Arthur. “Plots lag ik met mijn hoofd uit het raam van het busje dat tegen de grond lag”, vertelt Ian. “Overal zat glas. Voor de klap zat ik op mijn gsm. Eigenlijk kan ik de klap het best vergelijken met in slaap vallen. Je kan je ook nooit meer herinneren hoe je in slaap bent gevallen. Wel, zo was het. Toch ben ik nooit het bewustzijn verloren. Ik voelde heel veel pijn en heb geroepen. Ja, ik ben nog steeds erg boos op die chauffeur.”
