Stefan Everts (53) maakte zondag zijn eenmalige comeback als motocrosser. Het was de eerste keer dat de tienvoudige wereldkampioen deelnam aan een wedstrijd sinds hij werd getroffen door malaria. “Ik heb vooral last van mijn armen.”
Talent komt blijkbaar altijd bovendrijven, want Stefan Everts won de VLM-race in Lummen. Hij maakte het zegegebaar bij de ‘streekpiloten’.
“Motorrijden zit in je genen”, vertelt hij aan VTM NIEUWS. “Natuurlijk is de snelheid en fitheid niet meer dezelfde als vroeger, maar de techniek is er nog. Je moet het gewoon op een tragere snelheid en een lager niveau doen, maar daar haal ik ook plezier uit. Ik had wel last van mijn armen. De kracht daar is weg.”
“Normaal gezien doe ik dit niet. Ze hebben me al meerdere malen gevraagd om aan wedstrijden mee te doen, maar dat heb ik altijd afgehouden. Toch wilde ik ingaan op het initiatief van de Lummenaren, want er deden hier al zo’n twintig renners uit Lummen zelf mee.”
“Maar ook om de motocross in België in het algemeen een stimulans te geven. Motocross is de afgelopen decennia stevig weggezakt en het is heel moeilijk voor de motorsport om te overleven in dit land.”
“Het is tof om aanwezig te zijn bij een organisatie die veel doet voor de liefhebbers. Je ziet ook de belangstelling van de mensen: het brengt echt iets teweeg. We kunnen veel mensen uit hun huis krijgen voor motocross.”
Het is al een prestatie dat Everts nog rondloopt op deze wereld, want in 2018 overleefde hij een zware malaria-aanval. Zijn linkervoet telt nog 2 tenen, zijn rechtervoet heeft er geen meer. “Eenmaal ik in mijn laars zit, heb ik een vrij goede bescherming voor mijn voeten. Maar zodra ik mijn voet op de grond moet zetten, kan ik wel pijn hebben.”
“Ik probeer zoveel mogelijk op mijn voetsteunen te blijven rijden. Dat was vroeger ook al mijn rijstijl, dus dat helpt.”
“Het is wat het is. We moeten ermee leven en er het beste van maken. Soms met een beetje pijn, zoals vandaag, maar dat hoort erbij.”